Google+ links, hashtags en plustag

Hashtags, links en een plustag?

Google+ is een relatief nieuwe sociale medium. Met hashtags kunnen mensen discussie voeren, veel links hebben een dofollow. En er is ook een plustag.

In het vorige artikel heb ik laten zien hoe u de tekst van uw bericht kan optimaliseren en hoe u de tekst kan opmaken in Google plus. Echter in uw berichten kan u meer plaatsen dan alleen tekst. U kan links, hashtags en een plustag toevoegen in uw bericht. Met deze mogelijkheden kunt u uw bericht meer interactief maken dan alleen tekst. Maar de tekst blijft het belangrijkste om volgers of potentiële volgers te binden aan u. Als u al bekend bent met andere sociaal media dan komen die mogelijkheden u waarschijnlijk bekend voor. Allereerst zal ik links in een bericht behandelen. Daarna zal ik hashtags bekijken. Hashtags zijn sleutelwoorden vooraf gegaan door #. Verder kunt u de plustag gebruiken. Een plustag is uniek voor Google plus en wordt door Google geadverteerd. Een plustag wordt vooraf gegaan met een + gevolgd door een Google+ gebruiker of Google+ pagina. Een Google+ pagina is een manier om uw zakelijk kant te laten zien.

Links op Google+: Hoe komen ze naar voren?

Hoewel u zeer lange berichten kan plaatsen op Google+ is het vaak niet verstandig om hele artikelen zoals deze te plaatsen op Google+ omdat gebruikers van Google+ vaak vlug door berichten heel gaan. Daarom kies ik er vaak voor om een boeiende begin tekst te maken van een aantal regels gevolgd door een meer inhoudelijke alinea met een link naar een web site waarop het hele artikel te lezen is. Het voordeel hiervan is, is dat u uw volgers niet hele lange berichten presenteert die sommige volgers vervelend vinden en u kan bezoekers naar u web site halen. Kortom links zijn zeer handig en zeker iets wat u zal gebruiken.

Links hebben een dofollow

Links die u plaatst in uw bericht hebben een dofollow. Dat wil zeggen de links hebben geen nofollow attribuut. Een nofollow attribuut is een code die aan zoekmachines aangeeft dat link niet gevolgd dient te worden. Dit betekend dat zoekmachines geen waarde hechten aan links met een nofollow attribuut. In de code ziet dit er als volgt uit:
<a href="de URL" rel="nofollow">Anker tekst</a>

De URL is de link naar een web pagina en de anker tekst is de tekst die zichtbaar is voor de lezer, bijvoorbeeld Idesthost nieuws waar “http://www.idesthost.nl/nieuws/” de URL is en “Idesthost nieuws” de anker tekst. Zoekmachines gebruiken deze om waarde aan een web pagina te geven, voor een algemene inleiding zie “Wat is SEO?“. Met andere woorden omdat de links geen nofollow attribuut hebben zijn de links dofollow en zijn ze daarom ook waardevol voor zoekmachines. Bijvoorbeeld ook Bing indexeert Google+.

De informatie die Google+ gebruikt voor links

De informatie die Google+ gebruikt voor links wordt gehaald uit uw web pagina. Daarom is het, net zoals voor zoekmachines, van belang om extra aandacht te geven aan bepaalde elementen op uw web pagina waarnaar u linkt. Een link in een bericht komt als volgt naar voren:

Een voorbeeld van een link in een bericht op Google plus

Onder A wordt de titel van de pagina weergegeven en dit is ook de link. De titel is de tekst die u ziet in de tabbladen van uw browser. Ook wordt de titel vaak gebruikt voor Google Search in de zoekresultaten. Het is dus van belang om een aantrekkelijke titel te maken voor uw web pagina. In de meeste content management systemen kan u die gemakkelijk toevoegen. Bij het maken van een titel tekst dient u rekening te houden met sleutelwoorden. Sleutelwoorden zijn woorden waarvoor u gevonden wil worden. Vaak wordt deze titel ook herhaald in de koptekst van een web pagina.

Onder B wordt de beschrijving van de web pagina weergegeven. De beschrijving wordt gehaald uit de meta tag description. Dit is een code die zich in de head sectie van de web pagina bevindt en wordt normaal niet weergegeven in een browser. Echter zoekmachines gebruiken deze tekst om een korte beschrijving van de web pagina weer te geven in de zoek resultaten. Dit kan verschillen voor verschillende zoek termen maar het is vrij aannemelijk als u een goede beschrijving geeft dat deze wordt overgenomen door zoekmachines. Net zoals bij zoekmachines wordt ook deze meta description gebruikt om een korte beschrijving te geven van een web pagina. De code is:

<meta name="description" content="Uw korte beschrijving" />

Als er geen meta description is dan wordt vaak de eerste paar zinnen gebruikt van de web pagina. Het is daarom van belang om een goede korte beschrijving te geven in de meta description en een introductie te geven in de eerste paar zinnen op uw web pagina. Met andere woorden geef extra aandacht aan de meta description en de eerste paar zinnen om deze zo aantrekkelijk mogelijk te maken. Ook hier is het aan te raden om rekening te houden met uw sleutelwoorden.

Onder C wordt een afbeelding weergeven die op uw web pagina is. Andere sociaal media doen vaak het zelfde en daarom ziet u vaak op web pagina’s dat ze beginnen met een afbeelding. Echter als er meerdere afbeeldingen op de web pagina zijn kunt u er één kiezen. Maar als andere gebruikers een link plaatsen op hun eigen profiel of pagina dan kiezen ze vaak de standaard instelling, de eerste afbeelding. Daarom is het aan te raden om een afbeelding bovenaan de of als eerste op uw web pagina te zetten zodat er een aantrekkelijke afbeelding wordt geplaatst op Google+.

Hashtags en een plustag: Wat is het verschil en wat doen ze?

Hashtags

Hashtags zijn sleutelwoorden vooraf gegaan door # die u kunt toevoegen aan uw bericht, bijvoorbeeld #ubuntu. Google+ gebruikt auto-complete, dat wil zeggen, wanneer u een hash gebruikt (#) worden er automatisch suggesties gegeven.

Hashtag suggesties in Google+

De hashtags zijn sleutelwoorden die worden gebruikt voor de zoekmachine op Google+ waarbij iedereen die een bepaalde hashtag heeft toegevoegd wordt weergegeven in de zoekresultaten. In de zoekresultaten worden geen resultaten weergegeven van berichten die wel het sleutelwoord hebben maar niet de hash. Met andere woorden, zonder # wordt het bericht niet weergegeven. Gebruikers gebruiken de hashtag om een bepaalde discussie te voeren over een bepaald onderwerp. Met hashtags maakt u uw bericht beter vindbaar voor bepaalde onderwerpen en daarmee beter zichtbaar op het platform. Hoewel hashtags worden gebruikt in de zoekmachine op Google+ is er geen indicatie dat Google meer waarde hecht aan berichten met hashtags. Daarom gebruik hashtags wanneer dit geschikt is. Ook gebruik alleen hashtags die daadwerkelijk van belang zijn. Verder is het zeer af te raden om zeer veel hashtags in uw bericht te plaatsen, bijvoorbeeld tientallen.

Plustags

Plustags zijn speciaal voor Google plus waarbij een gebruiker of pagina wordt vooraf gegaan door een plus, bijvoorbeeld +idesthost. Ook hier gebruikt Google+ auto-complete waarbij er suggesties worden gegeven:

Suggesties van Google+ voor de plustag

Om in de suggesties te komen dient uw pagina of profiel op Google plus zeer populair te zijn. Natuurlijk zijn er zeer veel voordelen als u in de suggesties voor komen maar wees realistisch. Met de plustag kunt Google+ profielen of pagina’s toevoegen aan uw bericht maar u nodigt deze profielen en pagina’s ook uit. Dat wil zeggen, de profielen krijgen een mededeling dat ze geplussed zijn in een bericht. Ook als u een bericht maakt die niet openbaar is kunt u mensen uitnodigen door middel van de plustag. Met andere woorden, de plustag is een link naar een pagina of profiel en u stuurt een uitnodiging naar de profiel of pagina. Verder als iemand over de plustag gaat met de muis dan komt er een pop up met de naam, profiel afbeelding en het onderschrift, zie Google+ pagina optimalisatie voor meer informatie over naam en onderschrift. Net zoals bij links zijn plustags in een bericht een dofollow link. Dat wil zeggen, zoekmachines geven waarde aan deze link.

Geef een reactie

Uw e-mail adres wordt niet gepubliceerd.

*
*

De volgende HTML tags en attributen kunnen worden gebruikt: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>